Oooh man man man, ik amuseer me te pletter.
Het vele administratieve geregel van de eerste twee weken van de aankoop van ons huis is nu zowat achter de rug. Wat nu komt is zo ongeveer alleen maar fijn: dromen over de inrichting, babbelen met de architect en de aannemer, uitkijken naar een goede (lees: niet te dure) verhuisfirma… We verhuizen al half augustus, een stuk sneller dan we oorspronkelijk gedacht hadden. Maar ik kijk er zooooo hard naar uit! Zelfs tegen het verhuizen zelf zie ik niet op. En ik verheug me zoooo hard op dat bad, daar ga ik mij dat weekend al eens languit in te weken leggen alleszins.
Intussen komt ook ons andere grote avontuur dichterbij: Canada. En ook daarmee ben ik dagelijks bezig: ik ben een boek aan het lezen over Canada, een reisverslag van iemand die een heel jaar door het land gezworven heeft. Enne… hoe meer ik lees, hoe minder het land me aantrekt. Tenminste, om er te wonen. Ik kijk nog steeds ontzettend hard uit naar de reis, ik verlang ernaar door de Rocky Mountains te wandelen en er de natuurpracht te bewonderen. Maar er wonen, nee, laat mij maar hier in ons kleine landje wonen, ik zit hier goed. Als ik bedenk wat voor een gigantische omschakeling ik voor de boeg heb, naar een streek waar ik niet mijn weg ken, waar ik geen enkele winkel ken, waar ik me wellicht een tijdje verloren zal voelen, dan kan ik alleen maar met afgrijzen denken aan een zo ingrijpende verandering als verhuizen naar Canada. Maar er op reis gaan, o ja, met veel plezier!
Onze eerste en meteen enige grote reis, wellicht. Of toch voor de komende dertig jaar. Maar dat geeft niets, Europa is ook zó mooi en we hebben er nog maar zó’n klein stukje van gezien, dus wat kan mij de rest van de wereld schelen. Ik hoef geen verre oorden op te zoeken om me te amuseren. Geef ons een tentje en een berg, en wij zijn tevreden! We wilden alleen één keer wel een grote reis maken, voor we aan huizen en kinderen enzo begonnen, en dat wordt dus Canada. Maar voor de rest kunnen we ons wel amuseren dichterbij.
Maar naast die grote verwachtingen, en hoop, en verlangen, is er ook een heel klein beestje dat aan mijn hart knaagt. Want ik zal Gent moeten verlaten, mijn geliefde stad. Ik ben hier niet geboren, nee, maar ik woon hier nu al 12 jaar (eerst als student, en dan blijven plakken), en het is echt mijn stad geworden. Mijn thuis. Ik hou ervan om ons huisje uit te wandelen en binnen de paar minuten in het centrum te staan. Ik hou van het zicht vanop de Sint-Michielshelling, of vanop het brugje tussen de gras- en de korenmarkt naar alle kanten. Ik hou van de winkelstraten, van het telkens iets nieuws ontdekken als ik door de stad wandel, kleine details die ik nooit eerder had gezien. Ik hou van de mensen in Gent, die een stuk verdraagzamer zijn dan in de rest van Vlaanderen (hier gaat het Vlaams Belang áchteruit!). Ik hou van de sfeer in mijn stad, van de gezellige drukte. Hoewel ik eigenlijk niet zo actief ben in deze stad, niet zoals sommige van mijn vrienden, hou ik intens van deze stad. Ja, er gaan nog traantjes vloeien voor ik hier weg ben… En je zou kunnen zeggen: och, zo ver is het toch niet, een uurtje met de auto of met de trein, maar dat is niet hetzelfde. Ik zal ze missen, mijn mooie trotse stad…
Maar dat knagende beestje is gelukkig maar klein, en steekt slechts af en toe de kop op. Voor het grootste deel van de tijd is er verlangen, en dromen. Een toekomst die stilaan vaste vorm aanneemt. Het grote avontuur van het leven. Dus stap ik in, klaar voor een immense rollercoaster ride! Ik heb er zin in!