Vanmorgen hing er een hooiwagen binnen aan de garagedeur. Dag spin. Zei ik. Heel even overwoog ik ze gewoon te laten hangen. En toen was ze plots plat…
Monthly Archives: March 2012
Zwangerschap: de update
Anderhalve week geleden schreef ik mijn megazaagpost. Na een week continue pijn was ik echt wel de wanhoop nabij, als ik dacht aan de komende drie maanden. En toen werd alles beter…
Kwaaltjes:
Af en toe maagpijn (tzuur), waardoor ik soms ook halve nachten wakker lig. Af en toe doet mijn buik pijn, maar weinig in vergelijking met twee weken geleden. Als ik op mijn rug ga liggen, geraak ik niet meer recht. Ik weet nu hoe kevertjes zich voelen… Ik moet een beetje rekening houden met mijn fysieke beperkingen, maar ça va eigenlijk wel nog. Ik voel me over het algemeen fris, en monter, en heppie. Wat een verschil met anderhalve week geleden.
Mogelijke factoren:
1. Die aqua-Nia doet mijn lichaam zo ongelooflijk veel deugd dat dat effectief zijn weerslag heeft op mijn spieren, pezen, gewrichten,…
2. Die aqua-Nia en het boek dat ik aan het lezen ben (hypnobirthing) doen mij mentaal zo goed dat ik gewoon een grotere slagkracht heb, ik kan meer aan. Of een deel van mijn kwaaltjes waren psychosomatisch, ja, dat komt op hetzelfde neer.
3. Het is toeval, ik had die paar weken effectief gewoon superveel last van mijn buik en mijn maag en nu niet meer. God knows why.
Mijn vermoeden is dat ze alledrie wel in zekere mate een rol spelen. Maar sowieso is het logisch dat als je je goed voelt, dat kwaaltjes gewoon ook makkelijker te dragen zijn, dus het is een vicieuze cirkel, zowel in negatieve als in positieve richting.
Ben ik dan nu plots graag zwanger? Heu nee, dat nu ook weer niet. Graag is overdreven… Maar ik heb er niet veel last van, ik trek het mij niet aan. De kwaaltjes kan ik voor een groot deel negeren, en ik geniet weer meer van de schopjes in mijn buik. En dankzij het heerlijke lentezonnetje is ook mijn energiepeil een stuk gestegen, jeej! Ik ben zo blij dat ik me weer goed voel…
DZV – Hoe zit het daar nu eigenlijk mee?
Zij deed er mij aan denken, dat het toch wel lang geleden was dat ik er iets over had geschreven.
Wel, het gaat goed, danku. Van de 28 dagen heb ik er 10 vlees gegeten. Bijna voor twee derden vegetarisch, niet slecht, vind ik zelf.
Ik doe bewust niet mijn uiterste best om hélemaal vegetarisch te eten. Ik ben zwanger. En alles wat ik in mijn mond stop, moet ik zelf klaarmaken. Ik heb gewoon geen energie over om enerzijds goed op te zoeken dat ik voldoende vitamines en mineralen en eiwitten en weet ik wat nog allemaal binnen heb als ik helemaal vegetarisch zou gaan, en ik heb óók geen energie om alle dagen receptjes te zoeken en “from scratch” te koken.
Ik heb wel al héél lekkere dingen gemaakt. Dit tomatentaartje bijvoorbeeld, mmmmm. En het bladerdeegtaartje met geroosterde groenten van Jeroen Meus. Ook mmmmm. Maar hoewel beide echt ongelooflijk lekker waren, mag je niet verwachten in een uurtje eten op tafel te hebben. Ik schat dat ik voor het eerste ongeveer een uur en voor het tweede ongeveer 40 minuten nodig had voor de voorbereiding, en dan moeten ze nog een tijd in de oven ook. En mag je beginnen opruimen en afwassen. Toch niet voor alle dagen, zulke dingen. Ik geef grif toe dat ik in het niet-DZV-leven resoluut kies voor gerechtjes die ongeveer een half uur tot hoogstens drie kwartier duren, all in. Snel, lekker en gemakkelijk. En nee, wij eten zelden vlees-groenten-patatten eigenlijk, ik ben niet zo’n traditionele koker. Maar het moet wel snel gaan.
Wat ik wél doe, is erop letten dat ik op mijn bokes veggie eet. Pas op, zo moeilijk is dat niet hoor, ik ben al geen charcuteriemens van mijn eigen. Ha, en als ik diepvriespizza koop, dan kies ik ook voor de vegetarische versies (maar ook dat is zo moeilijk niet, die zijn keilekker).
Dus voila, ik hou het wel uit zo. Ik ga zo blijven voortdoen. Vegetarisch eten als het uitkomt en als ik er zin in heb, en af en toe eens een stuk vlees of vis als dat beter uitkomt.
Aqua-Nia
Ik voel me als herboren. Ik ben vanochtend vitaler, energieker en wakkerder dan ik in maanden ben geweest.
Ik had mezelf dus zwemmen beloofd. Maar zwemmen, ik doe dat écht niet graag. Dat is zo koud. En nat. Een fris zwembad putje zomer, als afkoeling, tot daar aan toe, maar een fris zwembad in de winter, bleh. En zwemmen is even saai als lopen, maar dan nóg erger want er zwemmen altijd mensen in mijn weg. Dus ging ik op zoek naar iets anders. Ik ging aquagym doen, al een tijdje, maar dat was er nooit van gekomen omdat dat op dezelfde avond valt als die spinnentherapie. En toen ging mijn lichtje aan: Aqua-Nia!
Mijn collega-teacher Sofie Mora geeft Aqua-Nia in Buggenhout, in Shambalah. Nia dus, maar dan in het water. Mijn passie, maar dan zonder die momenteel te pijnlijke zwaartekracht. Dat moest ik proberen. Vooral omdat ik dus gisteren plots ontdekte dat Buggenhout eigenlijk zo ver niet is, maar een half uurke van hieruit, ça va nog.
En het was…. zaaaaaaaaaaaaaaaalig. Man man man ik heb genoten. Het water is er 1,20 m diep, het licht is zacht en rustgevend, er zijn geen schetterende kinderen en het water is vooral lekker warm nom nom. We dansten Vibe, een routine die ik nog nooit eerder had gedaan, en die Sofie heeft aangepast voor het water. Ik heb mijn buik nauwelijks gevoeld, heb me nauwelijks moeten inhouden. Het water ondersteunde me, en mijn lichaam kreeg de beweging waar het zo veel nood aan had. De grijns op mijn gezicht moet boekdelen hebben gesproken.
Dus ik ga nog. Ik kijk nú al uit naar volgende week maandag. En het voelde zelfs zó goed dat ik al overweeg om het later zelf ook te geven. Nu alleen nog een zwembad vinden dat niet te diep is en vooral de juiste temperatuur heeft…
#Wijvenweek – Zelfcensuur deel 2
Pas op, extreme zaagpost. Zeg niet dat ik u niet gewaarschuwd heb hé…
Weet ge wat? Ge krijgt een bonus vandaag. Tis toeval eigenlijk, hoor. Ik zou er sowieso eens iets over geblogd hebben, en dat het toevallig in het thema past, en dan nog toevallig over het enige onderwerp waar ik eigenlijk nauwelijks iets over gezegd hebt, dat euh… tja, is dus echt megatoeval… Maar kijk, here goes:
Ik ben niet graag zwanger. Niet graag zwanger zijn is echt wel “not done”. Want ge zoudt moeten genieten, en stralen. En al. En er de kwaaltjes met een glimlach bij nemen. En nederig zijn over het wondertje in je buik. Blablabla.
Begrijp mij niet verkeerd, er zijn bepaalde aspecten aan dat zwanger zijn die ik ongelooflijk zalig vind. Euh… nekeer denken… goed, ik geef toe, het is er eigenlijk maar één: dat kindje voelen bewegen in mij, het altijd bij mij hebben en weten dat het daar goed zit, dat het gelukkig is in mijn buik. Dat vind ik echt zalig.
Maar al de rest, eerlijk gezegd, sucks!
Mijn eerste zwangerschap, van Fien, viel nog wel mee. Tot 3,5 maanden was ik dag in dag uit mottig, daarna heb ik mij een paar maanden echt supergoed gevoeld, en vanaf zes maanden begon dat stilaan af te nemen maar eigenlijk ben ik pas echt last beginnen krijgen de laatste maand, toen mijn benen opzwollen en ik die stomme steunkousen moest dragen, en toen mijn buik stilaan echt wel overdreven dik was en ik echt niet meer uit de voeten kon. Maar het grootste deel van die zwangerschap viel dus wel mee.
Maar nu, bij nummer twee… pfffff! Ik ben het kotsebeu. Ik kijk zo hard uit naar eind juni, dat ik mijn lijf terug heb. Ja, Milooken MOET natuurlijk nog blijven zitten, ik zou niet willen dat hij er nu al uit zou komen hé, dat niet, maar nog DRIE MAANDEN AAAAAAAAARGH!
De eerste maanden waren rottig. Ik was, net als vorige keer, echt continu misselijk. Ochtendmisselijkheid my ass, ik had het hele dagen door. Ik ben geen kotser, gelukkig maar, maar ik kan je wel verzekeren dat “gewoon” continu misselijk lopen echt niet plezant is. En moe, MOE! Doodop was ik, dag in dag uit. Na een maand of drie begon dat zo stilaan te beteren, voelde ik mij steeds beter, en dan… kreeg ik ineens bloedingen. Maar twee hoor, met een maand tussen, maar toch wel serieuze, vooral die tweede met een nachtje ziekenhuis erbij. Als ze dan zeggen dat je meer moet rusten in het belang van je kindje, tja, dan neem je geen risico’s hé. Dus zat/lag ik daar maar. En voelde ik mij niet meer lichamelijk rottig, maar nu emotioneel. Bang, bezorgd, en schuldig omdat B. het volle huishouden over zich heen kreeg. Na een paar weken vond ik het welletjes geweest, en ik voelde ook dat het met mijn buik wel oké zat, dat “rusten” niet meer zo belangrijk was. Maar intussen was ik ziek. De ene zware verkoudheid na de andere, die telkens wekenlang aansleepten en waarvoor ik niets mocht nemen. Wijs. En meer energie in je tweede trimester? Ik dacht het niet. Ik ben niet zo allesoverheersend moe meer, maar echt veel energie bovenop mijn fulltime job, mijn huishouden en Fientje heb ik toch niet meer hoor, eerlijk gezegd. Intussen kwam er NOG iets bij, maagzuur. Dag in dag uit maagpijn eigenlijk, basically. En slecht slapen ‘s nachts, daardoor. En intussen ben ik zes maanden ver en kan ik bijna niets meer en heb ik buikpijn bij het minste. Vorige week ben ik overdag vaak van mijn bureau naar de zetel verhuisd omdat ik het niet meer kon houden van de pijn. Als ik half lig, hou ik het langer uit. En stoppen met werken is uiteraard geen optie, haja. Al een sjans dat ik thuis werk…
Pas op, ik ben er zeker van dat een deel van mijn huidige miserie te wijten is aan het feit dat ik te weinig heb bewogen. De eerste maanden was ik te misselijk en te moe, daarna moest ik rusten, en nu kan ik het gewoon niet meer. Toen ik zwanger was van Fien, ben ik tot zes maanden blijven Nia geven, en al was het toen ook wel genoeg geweest, mijn hele lijf was gewoon sterker om die laatste maanden te doorstaan. Nu waren mijn spieren al verzwakt op voorhand. Bleh.
Dus goed, nog drie maanden, ik zal ermee moeten leren leven. Drie maanden ongelukkig lopen is immers ook geen optie. Ik ga proberen er iets aan te doen. Mijn spieren versterken. Ik ga eens zien wat zwemmen geeft. Naar het schijnt is zwemmen echt wel zalig als je zwanger bent, omdat je die zware buik niet voelt, dus het is de moeite om te proberen. En ik ga blijven hopen dat het betert, want nog drie maanden zo veel pijn, in mijn maag, mijn buik en mijn rug, daar heb ik zo hard geen zin in. En ik probeer me op te peppen met “troost u, nog drie maanden en ge zijt ervan af” . Maar eerlijk? Een derde zit er toch niet echt in…
#Wijvenweek – Het multitaskende superwijf vs. zondag stoefdag
Ik ben geen multitaskend wijf. Een superwijf, dat natuurlijk wel, haja, maar niet omwille van mijn multitaskingcapaciteiten. Ik zal zelfs meer zeggen: niet alleen KAN ik niet echt goed multitasken, ik WIL ook niet multitasken. Ik doe graag één ding tegelijk, met mijn onverdeelde aandacht. Ik zit niet te surfen tijdens het tv-kijken, want dan mis ik garanti de helft van wat er op tv gebeurt. Als de tv opstaat tijdens het koken, hoor ik de tv niet. Ik kan zelfs niet werken met muziek, tenzij het een werkske is waar ik niet continu mijn volle gedachten moet bijhouden, zoals factureren ofzo.
Maar zaterdag (zondag is inhaaldag) was ook een dag om over iets te stoefen, en al is het dan niet om mijn multitaskingcapaciteiten, ik heb wel genoeg om over te stoefen. Dus als je het niet erg vindt (en anders ook, ha!) zou ik graag eens van de gelegenheid gebruikmaken om vreselijk hard te stoefen over mijn kleine. Ik doe dat niet vaak, of toch niet zo uitgesproken. Want op zich is er natuurlijk niets om over te stoefen. Elke ouder die het onderstaande leest, zal wellicht het gevoel hebben “so what, dat doet/deed mijn kleine ook op die leeftijd” of “pff, die van ons deed dat al máánden vroeger”. En dat is uw goed recht. Maar elke ouder zal ook beamen dat het maar normaal is dat je gewoon trots bent op je eigen kindje. Dat het ook wel gewoon een wonder is wat zo’n kind op korte tijd allemaal leert. Alle kinderen, ja, ook die van u. En u. En mij, obviously.
- Fien zit in een taalspurt momenteel. Als een sponske zuigt ze alle woorden op en probeert ze ze na te zeggen. Hoe ze eruit komen, is niet perfect, maar natuurlijk wel ongeloooooflijk schattig. Op een paar weken tijd gebruikt ze plots twee, drie, misschien zelfs vier keer meer woorden actief dan daarvoor. Ze kent zo veel nieuwe woorden dat we zelf niet eens mee zijn. Haja, want articulatie is niet haar sterkste kant. Maar als je haar zo’n nieuw woordje geeft en ze zegt dat dan dertig keer na elkaar, proevend van de klanken, wijzend naar het ding, dan juicht mijn taalminnend hart. Als ze het ene na het andere voorwerp aanwijst zodat ik kan zeggen hoe het heet, en ze elk woord (min of meer) nazegt, dan zwelt mijn moederhart van trots. ZO LEUK zeg, een kindje dat leert praten en stilaan de voordelen van écht communiceren ontdekt…
- Fien kan ongelooflijk goed opruimen. We zijn daar nu al een paar maanden echt consequent in thuis: “natuurlijk mag je met iets anders spelen, maar eerst moet je opruimen waarmee je bezig was”. We ruimen dan samen op en dan krijgt ze het andere speelgoed. Ik had eerlijk gezegd verwacht dat dat een proces van jaaaaren zou zijn, dat samen opruimen. Ik had het onlangs zelfs nog gelezen of op tv gehoord ofzo: dat je niet mag verwachten dat je kind dat onmiddellijk kan en doet, zelf opruimen, dat leren opruimen jaren duurt. Maar kijk, na een paar maanden begint ze af en toe al spontaan zelf op te ruimen. Of als ze iets nieuws vraagt, en wij antwoorden “eerst opruimen hé Fientje”, dan doet ze dat gewoon. Soms brengt ze ons de zak, zodat wij die kunnen openhouden, en vaak helpen we nog wel (dan gaat het sneller), maar ze ruimt flink zelf op. En toen ze onlangs in de crèche aan Bert vertelden dat Fien het enige kindje is dat spontaan meehelpt bij het opruimen, was ik ZO ONGELOOFLIJK TROTS!
- Ik zie haar grote sprongen van peuter naar kleuter maken. Ze probeert zelf haar kleertjes aan en uit te doen, ze eet steeds properder, ze drinkt steeds beter zonder morsen, ze praat beter, ze begrijpt meer, ze kan steeds meer emoties begrijpen bij anderen en zelf uitdrukken, ze heeft steeds meer geduld voor échte (korte) verhaaltjes, ze houdt van zingen en dansen (van wie zou ze dat hebben?) en verkleden (tiens, toch haar Aalsterse roots?), ze begint steeds meer rollenspellen te spelen,… Elke dag is er weer iets nieuws, iets waarover ik me kan verwonderen, iets waar ik trots kan op zijn. Oké, elke dag is er ook wel een moment dat ze in de hoek belandt en ze kan soms ongelooflijk zagen, maar dat hoort er ook bij natuurlijk.
Kortom, ik zie dat kleine meisje ongelooflijk graag en ik ben verschrikkelijk trots op hoe onze kleine baby stilaan uitgroeit tot een echt mensje, met eigen voorkeuren en gedachten en opinies. Ik kijk er ongelooflijk hard naar uit haar te blijven bestuderen, bekijken, zien groeien, zien ontwikkelen. Wat een voorrecht is het, om de mama te mogen zijn van zo’n tof kindje.
Zo. Einde stoefpost. Sorry, ik had je gewaarschuwd, dat het erg zou zijn. Maar zo één keer op een jaar mag dat wel hé…
#Wijvenweek – Zelfcensuur
Het zijn geen geheimen, verre van. Iedereen die bij u langskomt weet het, en eigenlijk weten wij het ook allemaal, hier op het internet. Maar vandaag doen we eens niet aan zelfscensuur. Blog over iets waarover u niet blogt normaal. Vertel ons de dingen die deze week suckten (in plaats van altijd alleen de positieve dingen te posten), toon ons een foto van hoe uw living er echt uitziet, voor de poetshulp is langs geweest. Of vertel over frustraties die niemand eigenlijk moet weten, de gemiddelde ruzie met uw vent en andere dingen die uit het leven gegrepen zijn, maar waarvan u doorgaans vindt dat wij er geen zaken mee hebben. We zullen het aan niemand doorvertellen.
Ik zit hier al de hele dag op te sjieken. Als je hier regelmatig leest, dan wéét je al dat ik geen blad voor de mond neem. Dat ik gewoonlijk alles vertel zoals het is. Dat is niets verbloem of verdoezel of mooier maak dan het is. Integendeel, ik heb net de neiging om met humor en een klein beetje overdrijving de negatieve kantjes extra in de verf te zetten.
Wat moet een mens in godsnaam dan nog schrijven? Er zijn dingen die ik hier niet schrijf ja, absoluut. Dingen die té persoonlijk zijn, dingen die mensen kunnen kwetsen, dingen die andere mensen kunnen gebruiken om mij te kwetsen. Geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt dat hier OOK nog eens neer te schrijven. Verdorie, dat ZIJN al dingen die ik zelfs in real life niet zomaar gemakkelijk vertel, of toch niet tussen de soep en de patatten. In diepe gesprekken met mijn ventje en écht goede vriendinnen ja, maar meer ook niet. Ik durf al stellen dat ik op mijn blog gewoon mezelf ben, en dat ik sowieso niet veel scrupules heb.
Och ja, ik zou kunnen vertellen dat er in ons huis gewoonlijk wel een paar poezen ronddwarrelen (die zonder naam dan, bedoel ik, niet Poema en Polette, al zijn zij wel de belangrijkste bijdragers hieraan). Maar is dat dan een boekje opendoen? Pff, kweet niet ze, ik vind dat vooral een ongelooflijk saai onderwerp om over te bloggen.
En wil je toch wat ontboezemingen lezen die je misschien nog niet van mij wist? Lees de voorbije dagen dan eens. Ik heb al een paar keer geslikt en getwijfeld, om redenen die ik u OOK niet aan uw neus ga hangen. Allee, soit, tot morgen…
#Wijvenweek – Mijn dromen, mijn verlangens
Ik zie de meeste van mijn dromen niet als dromen, maar als plannen. Ik heb namelijk geen onbereikbare verlangens, wensen die ik nooit kan waarmaken, materiële verlangens die ik nooit kan betalen… O ja, als ik de lotto zou winnen (dat wil zeggen, als we zouden spelen) dan zou ik wel wat dingen anders doen in mijn leven, maar ik droom daar niet echt van. Als ik er echt van zou dromen, dan zou ik wel met de lotto spelen, ha ja…
Mijn plannen:
- ons huis steeds mooier en affer (hihi) maken. Een terras, een extra kamer boven, de woonkamer schilderen, deuren installeren,…
- in de loop van de volgende jaren mijn beide bezigheden – vertalen en Nia geven – wat meer in evenwicht brengen. Hier en daar misschien eens een lesje Nia overdag, bijvoorbeeld. Ik ben van plan om routines uit te bouwen (of dit serieus te overwegen) voor bejaarden, voor kinderen, voor mentaal gehandicapten, voor zwangeren. Het is zeker niet mijn bedoeling om helemaal van Nia te gaan leven, daarvoor vertaal ik te graag en is Nia een te leuke hobby. En eerlijk gezegd ben ik ook een beetje bang dat ik plots fysiek zou moeten inbinden en dat ik zonder inkomen zou vallen. Ik wil het allebei, gewoon.
- veel tijd besteden met onze kinderen, ze opvoeden tot liefdevolle en respectvolle mensen die iedereen graag ziet komen. En veel tijd doorbrengen met mijn ventje, dat ook…
- af en toe eens op reis gaan. Voorlopig kan het mij niet zo veel schelen waar en is het gemak (met kleine kindjes) primordiaal. Bovendien is Europa ook ZO ongelooflijk mooi. Maar ik wil ook ooit nog eens terug naar Canada, ja, dat wel.
Er is één ding dat ik niet anders kan dan hopen, en wensen, en dromen. En dat is: dat ik gelukkig mag blijven, mijn hele leven lang, zoals ik nu gelukkig ben. En dat geluk hangt ook samen met het geluk van mijn lieve B. en mijn kindjes, dus die moeten natuurlijk ook gelukkig blijven. Want als ik gelukkig ben hé, dan maken de bovenstaande plannen eigenlijk ook niet zo veel uit als die niet worden uitgevoerd. Ik zie wel. Al moet ik met B. en onze kindjes in een caravan in de tuin van mijn broer gaan wonen ofzo, als we maar samen zijn!
Mijn nieuwe vriendjes voor deze week…

Mijn excuses als ik je nu half een trauma heb bezorgd…
Maar eigenlijk gaat het goed vooruit. Vorige week ben ik dus begonnen met die eerste twee fotootjes, nu heb ik er drie nieuwe bijgekregen. De bedoeling is om mij langzaam aan steeds meer bloot te stellen zodat ik eraan wen en er steeds minder bang van wordt. En het helpt, echt wel. Ik kan intussen al goed rationaliseren dat het “maar foto’s” zijn, dat het geen echte spinnen zijn en ik er dus écht geen schrik van moet hebben. Ik mag ook kleurenfoto’s opzoeken deze week, en volgende week gaan we wellicht over naar documentaires enzo.
Het is niet de bedoeling uiteindelijk een vogelspin op mijn arm te durven laten lopen ofzo. De bedoeling van de therapie is de scherpe kantjes eraf te halen. Zodat ik mijn kinderen niet nodeloos met dezelfde fobie opzadel, in de eerste plaats. Zodat ik durf in onze gigantische tuin te werken zonder die voortdurende verkrampende angst dat ik een spin ga tegenkomen. Zodat ik een spin zelf durf dood doen of buitenzetten of plattrappen of wat dan ook. Het hoeven mijn vriendjes niet te worden!
#Wijvenweek – Geeft eens uw mening, zeggen ze.
Een mening jong, wat vraagt ge mij nu.
Oh, ik zit boordevol meningen hoor. Ik heb een mening over heel wat onderwerpen. Vraag mij rechtuit om mijn mening over iets, en je zal ze wel te horen krijgen. Zo heb ik vorige week nog uitgebreid mijn mening gegeven aan i. over de vrouwendag en feminisme en het glazen plafond en cupcakes enzo. Maar doe het mij alsjeblieft niet aan dat ik dat hier allemaal nog eens moet herhalen.
Ik heb ook mijn mening over bepaalde politieke en sociale onderwerpen. En over het milieu, o ja, dat zeker ook. Maar die uitschrijven? Pff. Erover discussiëren? Meh, als het erover gaat en ik heb zin om mijn bek open te trekken, dan doe ik mee ja. Maar voor hetzelfde geld hou ik mijn mond.
En weet je, de meeste van mijn meningen zijn echt niet strak en onbuigzaam. Ik heb mijn mening, maar ik verander die nogal makkelijk als iemand mij kan overtuigen van een alternatief. Niet het tegenovergestelde van mijn eigen mening, zo ver ga ik zelden, maar ik breng wel makkelijk andere nuances aan in mijn mening. Op momenten dat ik mijn mening uit, kan dat hard overkomen, ik heb namelijk nogal een grote mond en ik kan het goed uitleggen en subtiliteit is zeker geen van mijn grootste troeven, maar die mening ligt zelden vastgeroest.
En er zijn ook situaties… dat je me nooit meer een mening zal horen verkondigen… omdat ik daar ooit gigantisch ben voor afgestraft. Maar dat is een ander verhaal.