Onlangs vertelde mijn mama me dat ze, toen ze ongeveer zo oud was als ik nu, op het toppunt van haar leven zat. Geen geldzorgen, zelfvertrouwen, lieve kindjes (kuch), een goede relatie, gelukkig, sterk, in de fleur van haar leven.
En ik kan dat alleen maar beamen. Ik ben 34 en ik ben nog nooit zo gelukkig geweest. En ik besef het.
De onzekerheid van mijn tienerjaren, de twijfels en razende hormonen, de elkaar overlappende verliefdheden, de hoge toppen en diepe dalen, dat ligt allemaal mijlenver achter me. Ik kan me nog herinneren hoe ik me voelde. Mijn tienerjaren waren een rollercoaster die me ook veel plezier heeft geschonken en fantastische herinneringen heeft bezorgd, maar ik ben zó blij dat ik er vanaf ben.
Mijn eigenlijke puberteit heb ik pas beleefd toen ik begin de twintig was. Ik wist niet wie of wat ik was, waar ik voor stond, wat ik wilde met mijn leven. Ik crashte toen ik 22 was, na een reeks stommiteiten in relaties.
Daarna heb ik gedwaald. Ik wist niet wat ik wilde, maar ik dacht het telkens te vinden in weer een andere man. Niet dus. Ik leefde tegen honderd per uur en keek niet om maar ook niet vooruit. Ik deed gewoon mijn ding en de wereld draaide voort.
Halverwege de twintig zat ik op mijn gemak, in een relatie met de grappigste vrouw ter wereld. Ik was volledig in het reine met mijn bi-zijn, ik leefde hoe ik dat wilde. Toch waren er barstjes, kleine scheurtjes, die steeds verder scheurden en die na drie jaar een kloof waren geworden waarin die relatie in zijn geheel verdween. Schone herinneringen aan een schone tijd, maar het was niet wat ik zocht en ik moest verder.
Ik tolde weer rond, maar niet zo onzeker meer als eerst. Ik was 28 intussen en wist misschien op relationeel gebied nog niet wat ik zocht, maar ik had intussen wel door dat mijn leven in mijn eigen handen lag, dat ik zelf verantwoordelijk ben voor mijn keuzes en dat je altijd opnieuw kan beginnen. Ik kreeg van de ene seconde op de andere een kinderwens, en daarmee zag mijn toekomst er plots heel anders uit, maar dat schrok me in het geheel niet af. Integendeel, het gaf me in zekere zin een doel.
Toen kwam ik Bert tegen, en al na een paar dagen wist ik dat hij de man van mijn leven was. Rotsvast overtuigd was ik, en dat ben ik sindsdien altijd gebleven. Nog geen seconde heb ik getwijfeld. We moesten wennen aan elkaar, dat wel, maar diepe dalen hebben we nooit gekend. We kochten een huis en verhuisden van mijn lievelingsstad Gent naar Mechelen. Op voorhand leek het een grote stap, maar die bleek minder groot dan ik had verwacht. We wilden een kindje en probeerden 13 manen lang tot het uiteindelijk lukte, na veel stress en elke maand crashen en hopen en wensen en huilen en verdriet en dan opnieuw hopen. Vermoeiend, en zwanger worden bracht dan ook al een zekere rust. Negen maanden later kwam Fientje eruit, en sindsdien… woon ik in de hemel.
Bert is mijn grote liefde, maar wat ik voel voor Fien is allesoverweldigend, daar heb ik gewoon geen woorden voor. En die rust, mannekes, die RUST! Niet dat Fientje altijd zo rustig is, ik heb het vooral over de rust in mijn hoofd. Ik heb geen vragen meer, geen wensen, geen oerverlangens. Ik ben gewoon gelukkig. Ik heb nog plannen en dromen, dat wel, da’s zeker dat. Ik wil graag nog een kindje, bijvoorbeeld. Maar komt het niet, dan ga ik daar niet ongelukkig over zijn. En voor de rest heb ik gewoon het gevoel dat de wereld aan mijn voeten ligt. Ik kan alles doen wat ik wil, alles worden wat ik wil. Wat ik wil, dat zal gebeuren. Allee, wereldvrede zit er voorlopig niet in, maar in mijn eigen leven heb ik totale controle. Of tenminste, de heerlijke illusie daarvan… Mijn lijf doet voorlopig nog alles wat ik wil, nog geen kwaaltjes of zorgen. Met mijn verstand is alles ook prima in orde, ik heb geen torenhoog IQ maar ik mis dat ook niet. Ik verdien goed mijn boterham, we hebben het niet superbreed maar hebben zeker ook geen financiële problemen. We gaan op vakantie binnen de perken en ons huis is bijzonder goed bewoonbaar (af niet nee, dat duurt nog wel even). Fien is een schatje, mijn ventje ook, mijn ouders leven nog en zijn ook gelukkig, ik heb toffe vrienden en familie. Ik heb alles wat mijn hart verlangt.
Ik ben gelukkig. Dit is de top. Laat die top nog maar lang aanhouden, zo is het goed.