Vandaag heb ik het erg. Terwijl ik van mijn lekker warme koffie drink, droom ik tussen de vertaalde regels door van zomerse taferelen. Smalle pittoreske straatjes in Toscaanse dorpjes. De geur van tijm in de valleien van Corsica. Het ragfijne beeldhouwwerk van het Alhambra, de witte doolhof van het Albaicín. Tranen in je ogen van ontroering bovenop een berg in Canada. Genieten van je derde ijsje van de dag in Sienna, op de trappen van de pyjamakerk.
Alle heerlijke zomerse plekjes waar ik ooit was passeren voor mijn geestesoog. Ik proef de herinnering, ik ruik het verleden. Mmmm, zomer…
Monthly Archives: October 2010
Onvoorwaardelijke liefde
Ik vind het ongelooflijk wonderlijk hoe vanzelfsprekend de liefde tussen een moeder en haar kind is.
Die liefde van een mama voor haar kind, om te beginnen. Dit is de eerste keer in mijn leven dat ik zo onvoorwaardelijk van iemand hou, zonder twijfels, zonder nadenken, het is mijn kindje en dus zie ik haar doodgraag, punt. Hoe veel ik ook van B. hou, dat is er écht niet mee te vergelijken.
Maar omgekeerd is dat nog straffer, hoe vanzelfsprekend zo’n kindje aan haar mama (en papa) hangt. Ze gaat er gewoon van uit dat ik er altijd ben en dat ze altijd op mij kan rekenen. Geen blond haartje op haar lieve hoofdje dat eraan denkt dat dat wel eens NIET zo zou kunnen zijn… Nee, dat is gewoon zo, mama is er en mama ziet haar graag. De rest van de wereld is er om te ontdekken vanop mama’s arm. Mama is op dat moment niet interessant meer, alles om haar heen is zo mooi en nieuw en leuk om te bekijken en te voelen en te proeven. Tot ze moe wordt of pijn heeft of even bevestiging nodig heeft, dan legt ze haar hoofdje op mijn schouder en haar armpje om mijn hals en dan ben je als mama gewoon het veilige nestje waar ze even kan uitrusten. Onvoorwaardelijk, vanzelfsprekend, zonder nadenken, ben jij voor je kindje het allerbelangrijkste van de hele wereld. Het uitgangspunt. De basis waaruit alles vertrekt.
Ik begrijp écht niet hoe je als moeder dat eindeloze vertrouwen kan beschamen, hoe je je kinderen moedwillig kan teleurstellen, hoe een mama haar kind kan verlaten… Nu besef ik pas hoe hard een breuk met een ouder moet aankomen voor zo’n kind: als een stevige stenen brug die je plots onder je voeten voelt wankelen, verdwijnen. Traumatisch!
Wat is het toch mooi, mama zijn!
Het gaat zo snel…
“Geniet er maar van, want het gaat zo snel”, hoorde ik telkens weer. “Jaja”, zei ik, maar eigenlijk besefte ik niet goed wat ze precies bedoelden. Dat kán je ook niet echt beseffen als je zelf geen kindjes hebt, denk ik. Ik ben er altijd vanuit gegaan dat ze het over de perceptie van tijd hadden, zoals ik als kind aan het einde van elk schooljaar versteld stond dat er wéér een jaar voorbij was. Zoals een avondje uit, een scoutskamp of een vakantie met je lief ook altijd veel te snel voorbij was. Het idee dat het geen dag, week of jaar was maar veel korter.
Maar dat is het niet. Het gaat écht snel, letterlijk. Het is ongelooflijk hoe snel zo’n baby groeit. Ze is nu 4,5 maanden oud, en gek genoeg lijkt die periode niet speciaal sneller voorbij te zijn gevlogen. Het is ook in mijn perceptie 4,5 maanden geleden dat ik bevallen ben en dat ze zo’n klein slijmerig bolleke in mijn armen legden. Maar ze is op die korte tijd 12 cm gegroeid (van 53 naar 65 cm) en bijna verdubbeld in gewicht (3,77 naar 7,04). Je moet je maar eens voorstellen dat je tussen nu en begin maart plots 12 cm groter zou zijn en zou verdubbelen in gewicht. Ha! Gelukkig niet, hé? En dan hebben we het nog niet over ontwikkeling gehad natuurlijk, dat is nog véél opvallender. Op die korte periode gaat zo’n kindje van platte baby die niets ziet, niets kan en niets begrijpt naar een stevige baby die alert alles wil zien en horen, die verschillende mensen kent van gezicht en er breed naar glimlacht als ze ze herkent, die vanalles kan vastpakken en naar zich toe trekken, die op haar zij kan rollen en met haar voeten kan spelen, die breed grijnst naar de spiegel, die ligt te babbelen en te pruttelen, die… Het lijkt wel of ze élke dag verandert, élke dag iets nieuw kan. Kleine stapjes ja, maar die volgen elkaar zó snel op! Wat een feest is het, om dat kindje te zien groeien en te zien ontwikkelen. En ik hou mijn ogen wagenwijd open, bang om iets te missen, bang om een stapje over te slaan. Want het gaat zo snel, en ik moet ervan genieten!
Aron 1 jaar
Gisteren hebben we de eerste verjaardag gevierd van Aron, mijn neefje, het zoontje van mijn broer en schoonzus.
Een jaar geleden ongeveer gingen we op bezoek in het ziekenhuis van Jette. Aron was geboren op 28 weken, woog 1.200 g en was 34 cm lang ofzo. Hij lag in een couveuse, en ik zie nog steeds het nauwelijks afgewerkte kindje voor me. Zó klein, zó vreselijk kwetsbaar. Met een borstkasje dat inzakte telkens hij ademde. Net een kleine alien, eigenlijk, brrr, echt vies om te zien vond ik dat. Ik was toen anderhalve maand zwanger en hoopte uit alle macht dat ons beesje er niet zo vroeg zou uitkomen. Misschien dat ze daarom zo lang na haar datum blijven zitten is
En dan zie je daar nu dat ventje kruipen, staan, voorzichtig zelfs een paar pasjes lopen aan het handje. Een stevig en sterk ventje dat in niets meer lijkt op dat kleine monstertje van een jaar geleden. Ik ben zó blij dat alles is goedgekomen met het lieve knulletje! Hij trok de kroon van zijn hoofd en sloeg met zijn handje in de slagroom zoals elke normale éénjarige. Oef. Dat hun eventuele volgende kindje (ooit) maar wat langer blijft zitten!
Vier maanden en een sjiek
Complimentjes
Natuurlijk weet ik dat ik met Fientje zowat het braafste baby’tje ter wereld getroffen heb. Waaraan ik dat heb verdiend, geen idee, maar naar het schijnt was ik als baby (als baby!) ook wel supermakkelijk en lief…
Maar als andere mensen op mijn kind beginnen te stoefen, dan zwel ik helemaal van trots natuurlijk, ook al weet ik wel dat het 80% gewoon ‘sjans’ (geluk) is. En gisteren hé, gisteren ontplofte ik bijna van het zwellen…
Ik ging Fien ophalen in de crèche, en begeleidster P. stak de loftrompet: dat het toch zooo’n lief en makkelijk kindje was. Dat het uitzonderlijk is hoe goed dat kind eet, dat ze die dag voor de eerste keer mee boven was gaan slapen en dat ze daar geen seconde over geprotesteerd had, dat ze eigenlijk nooit huilt, en als ze wat begint te neuten (zagen) en je laat je kop zien dan begint ze altijd meteen te lachen, en dat ze zo heerlijk kan schaterlachen, en dat het zo’n knuffeltje is en dat je zo’n lief en braaf kindje in een crèche geen tien keer in je hele carrière tegenkomt. En toen ontplofte ik dus, en flebberde ik als een losgelaten ballon door de hele kamer. Allee, bij wijze van spreken.
Over dat eten: sinds dit weekend eet ze groentepap. De eerste keren wat onwennig hoewel ze braaf haar mondje open deed, maar maandag at ze bij mijn schoonmoeder al zonder morren een half potje op (ik had niet meer meegegeven). Dinsdag zou ze dus voor het eerst in de crèche groentjes eten. Ik kwam ‘s avonds Fien ophalen en ik had ze al in mijn armen, toen er plots een begeleidster uit de keuken kwam gestormd. “Mama van Fientje!” Ze riep het bijna, en ik schrok enigszins. “Zeg! Zo goed dat die gegeten heeft! Die heeft gewoon een hele maaltijd van 150 g op!” Ook toen stond ik te blinken natuurlijk. De vijfde keer groentjes, en ze eet al een hele maaltijd met krot en mot op. Da’s toch wel een gemak, zo’n kindje…
Veel te veel om te vertellen
Weet je wat mijn probleem is? Ik heb altijd zó veel te vertellen dat ik er gewoon geen zin in heb om het allemaal op te schrijven. Het is te allesomvattend, wat er met mij gebeurt door dat kleintje, wat er met Fientje zelf gebeurt, wat dat beesje met mijn leven heeft gedaan… Ik dacht dat ik nu wel voldoende inspiratie zou hebben om mijn blog te onderhouden, en I do, I really do, maar het ontbreekt me nu alleen aan de moed/goesting om het hier te registreren.
Ze trekt aan haar teentjes en graait met haar armpjes. Ze knijpt in mijn neus, in mijn lip, in mijn haar. Ze brabbelt honderduit en zingt haar eigen babyliedjes. Ze hoest en snuift en is dan soms wel eens zielig. Maar altijd breekt dat heerlijke lachje door als je naar haar toe gaat. Ze is gek op haar papa en knuffelt graag met mama. Ze schaterlacht als je in haar buikje bijt en op haar gezichtje sabbelt. Ze huilt als je per ongeluk in haar duimpje bijt bij het spelen (sorry lieve Flappie). Ze legt haar hoofdje op mijn schouder en haar armpje rond mijn hals als ze moe is. Ze sabbelt op mijn schouder als ze honger heeft. Ze huilt nog altijd zelden, als ze aandacht wil zegt ze één keer WAA en dan spartelt ze en pruttelt ze voort. Ze is natuurlijk de allermooiste, liefste en vrolijkste baby ter wereld. Mijn smurf, mijn knuffeltje, mijn Flappie, mijn beesje. Ik hou van haar als ze me ‘s ochtends vrolijk toelacht vanuit haar bedje. Ik hou van haar als ik haar slap en slapend in mijn armen naar boven draag. Ik hou van haar als ze me onderkotst of als ze de verzorgingstafel onderplast. Ik hou van haar op elke minuut van elke dag. Mijn liefje, mijn schatje, mijn zotteken. Mijn muisje, mijn meisje, mijn Fientje.

